Grote Canadese Gans

Grote, grijsbruine gans met zwarte kop en nek, contrasterend met wit-bruine borst. Scherp afgetekende witte keelvlek, van kin tot aan zijkop achter het oog lopend. Poten en snavel zwart. Sinds circa 1650 is de Canadese gans begonnen aan zijn opmars in Europa, nadat de vogels voor consumptie en als jachtwild naaEuropa zijn gehaald.  De verwachting is dan ook dat de soort zich nog verder over Europa en AziĆ« zal gaan verspreiden. Het bestand in Nederland bedraagt ongeveer 1.000 tot 1.400 paren, maar daarnaast leven er een flinke hoeveelheid ongepaarde jonge vogels. Canadese ganzen zijn pas geslachtsrijp op tweejarige leeftijd. Grote Canadese ganzen leven in laaggelegen wetlands, maar broeden ook in stedelijke gebieden in parken. Ze grazen graag op vlak grasland op gras en kruiden en eten verder veel waterplanten die ze al grondelend van de bodem halen.