Het Porseleinhoen leeft tussen de dichte begroeiing van
onder meer moerassen, meren, uiterwaarden
en andere vochtige gebieden. Het voedsel
bestaat uit
insecten, wormen en slakken, maar
ook planten en zaden
worden gegeten, zolang de vogel de veiligheid van
de begroeiing maar
niet hoeft te verlaten. Het porseleinhoen lijkt
op de waterral,
maar heeft
een kortere snavel. Porseleinhoenders moeten in de loop van
de eeuw flink in aantal
zijn afgenomen
door de grootscheepse ontginning en verdroging van
vochtige veengebieden en andere moerassige
gronden. Porceleinhoenen overwinteren in Afrika
ten zuiden van de Sahara.
Het huidige aantal
broedparen wisselt sterk van jaar
tot jaar,
deels als gevolg van
waterpeilschommelingen. Een
voorzichtige schatting komt uit op 150-300 paar.

