De watersnip is een middelgrote, gedrongen steltloper. Watersnippen leven
verborgen en hebben een extreem lange snavel en vrij korte poten.
Watersnippen zijn broedvogels van vochtige of natte graslanden. Met hun
lange en uiterst gevoelige snavel sporen ze op en in de bodem naar
allerlei kleine bodemdieren. Dat werkt echter alleen als die bodem
vochtig en zacht is; in een harde bodem kan hij zijn voedsel niet
bereiken. Op de grond zijn watersnippen uitstekend gecamoufleerd. Het
is dan ook vooral in vlucht dat watersnippen opvallen. Het typische
'drummen' van watersnippen - een duikvlucht waarbij de stijve
buitenstaartveren een resonerend geluid maken, als van een geit - is
helaas steeds minder te horen in Nederland. De in Nederland broedende
watersnippen zijn trekvogels die in Zuid-Engeland en Zuidwest-Europa
overwinteren. Het aantal broedparen van de watersnip in ons land holt
al enige decennia achteruit. De watersnip staat op de Rode Lijst is
extreem gevoelig voor verdroging en te vroeg maaien.




